Voorwoord
Het voorwoord is geschreven door Louis-Emile Galey bij het leerboek van Roger Conti. De kernpunten uit deze inleiding zijn:
- Roger Conti als ‘Biljartgod’: Galey opent met de speelse vraag “Is God een Fransman?” en stelt dat als er een biljartgod bestaat, hij zonder twijfel Roger Conti heet. Hij vergelijkt Conti met de olympische goden uit de Mythen die onder de mensen vertoefden en hun gastheerschap beloonden met buitengewone prestaties.
- Jarenlange toewijding aan het leerboek: Conti legde zichzelf de zware taak op om een alomvattend leerboek te schrijven. Met een ongekende taaiheid heeft hij jarenlang teksten geschreven, geschrapt en opnieuw geformuleerd totdat hij de exacte definities en gedachtegangen vond om de fundamentele waarheden van het seriespel begrijpelijk te maken.
- De ‘Biljartbijbel’: Galey noemt het resultaat van dit werk de “Biljartbijbel” (Billard-Bibel). Hij stelt dat de studie van deze pagina’s de grondslag vormt voor elk biljartonderwijs dat die naam verdient, en hij voorspelt dat het werk wereldwijd in meerdere talen vertaald zal worden.

- Dankbaarheid en de hergeboorte van het biljart: Conti was tijdens zijn sportloopbaan een onvergelijkbare meester met onbereikbare records. Met dit leerboek heeft hij de biljartwereld een geschenk van onschatbare waarde gegeven dat een beslissende bijdrage levert aan de hergeboorte van het biljartspel. Galey noemt het een grote eer dat hij dit voorwoord mocht schrijven en betuigt zijn volstrekte dankbaarheid.
